Univé waarschuwt voor schadeherstel bij nieuwe automerken
De Nederlandse automarkt kreeg er in 5 jaar 16 nieuwe merken bij, maar verzekeraar Univé ziet dat de voorzieningen voor schadeherstel bij een deel van die nieuwkomers achterblijven bij de verkoopgroei.
88 automerken actief
Volgens een analyse van de kentekenregistraties van de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) zijn op de Nederlandse personenautomarkt momenteel 88 automerken actief. Daarvan verschenen 16 merken de afgelopen 5 jaar op de markt. Samen zijn die nieuwkomers verantwoordelijk voor 2,4 procent van alle nieuw geregistreerde personenauto’s in die periode. Meer keuze voor de consument dus, maar de coöperatieve verzekeraar met 1,8 miljoen leden ziet dat de organisatie achter een merk niet altijd even hard meegroeit. Zijn onderdelen slecht verkrijgbaar, ontbreken technische herstelinstructies of kunnen maar weinig schadeherstelbedrijven met een merk uit de voeten, dan zit een automobilist na schade langer zonder auto en lopen de herstelkosten op.
‘Een auto kan op papier uitstekend uit de vergelijking komen, maar pas na schade blijkt hoe goed de organisatie achter het merk is’, zegt Henkjan Matthijs, manager Mobiliteit bij Univé. ‘Als onderdelen, technische ondersteuning en een goed herstelnetwerk ontbreken, kan zelfs een beperkte schade leiden tot een lange wachttijd en onverwacht hoge kosten.’
Chinese merken breed omarmd
Onder de nieuwe toetreders bevinden zich relatief veel Chinese automerken. Dat sluit aan bij de houding van de consument: uit onderzoek van MarketResponse in opdracht van Univé blijkt dat 66 procent van de Nederlandse automobilisten niet afwijzend staat tegenover de aanschaf van een Chinese auto.
Slechts 12 procent sluit die mogelijkheid resoluut uit. Tegelijk speelt de herstelbaarheid bij de aankoop nauwelijks een rol. Ook maar 12 procent van de automobilisten zoekt vooraf uit hoe het is gesteld met de beschikbaarheid van onderdelen.
Verkoopnetwerk is geen herstelnetwerk
Dat valt consumenten volgens Univé moeilijk te verwijten, want vooraf beoordelen hoe het schadeherstel bij een merk is geregeld, is lastig. Een fabrikant kan aantrekkelijke modellen leveren en over verkooppunten beschikken, terwijl de plaatselijke onderdelenvoorziening en het netwerk van gekwalificeerde herstelbedrijven nog in opbouw zijn.
‘De kwaliteit van een auto en de kwaliteit van de herstelorganisatie zijn twee verschillende zaken’, licht Matthijs toe. ‘Wanneer onderdelen van ver moeten komen, herstelbedrijven technische informatie missen of maar enkele bedrijven een reparatie kunnen uitvoeren, duurt het langer voordat een eigenaar zijn auto terugkrijgt. Dat merk je meestal pas wanneer er daadwerkelijk schade ontstaat.’
De verzekeraar adviseert autokopers daarom niet alleen naar prijs, actieradius, veiligheid en uitrusting te kijken, maar ook naar de beschikbaarheid van onderdelen, duidelijke herstelinstructies en een toegankelijk netwerk van schadeherstelbedrijven.
Kleine schade, grote gevolgen
Hoe hard het kan uitpakken als een passende herstelroute ontbreekt, illustreert Matthijs met een recente schade aan een Amerikaans elektrisch model dat ruim 3 jaar geleden op de markt kwam. Een klein scheurtje in de vooras leidde uiteindelijk tot een total loss-verklaring, omdat de beschikbare herstelinstructie voorschreef dat de volledige carrosserie moest worden vervangen. ‘Het is een extreem voorbeeld, maar het laat wel zien dat de gevolgen groot kunnen zijn wanneer een passende herstelroute ontbreekt’, aldus Matthijs. ‘Goede technische ondersteuning en duidelijke reparatiemethoden zijn daarom essentieel. Zonder die basis kan het lang duren voordat een auto-eigenaar weet waar hij aan toe is en kunnen de kosten snel oplopen.’ De herkomst of de leeftijd van een merk is daarbij niet doorslaggevend, benadrukt hij: ‘Nieuwe aanbieders kunnen in relatief korte tijd een goede lokale infrastructuur opbouwen.’
Volgens de verzekeraar bewijzen Lynk & Co en eerder ook BYD en Tesla dat toetreders de onderdelenvoorziening, de technische ondersteuning en een netwerk van gekwalificeerde herstelbedrijven binnen enkele jaren op niveau kunnen brengen.
Dekking kan eronder lijden
De organisatie van het schadeherstel raakt ook de verzekerbaarheid van een auto. Verzekeraars moeten volgens Matthijs kunnen inschatten hoe een beschadigd voertuig kan worden gerepareerd, hoe lang dat duurt en wat dat kost. ‘Wanneer daar te veel onzekerheid over bestaat, kan dat gevolgen hebben voor de beschikbare dekking.’ Dat verband is bij het merendeel van de automobilisten onbekend.
Uit het onderzoek van MarketResponse blijkt dat 56 procent niet weet dat een beperkte beschikbaarheid van onderdelen kan doorwerken in de verzekeringsmogelijkheden. ‘Beperktere verzekeringsmogelijkheden zijn overigens geen oordeel over de kwaliteit of veiligheid van een auto en zo’n beoordeling staat ook niet voor altijd vast’, benadrukt Matthijs. ‘Wanneer een merk investeert in onderdelen, technische ondersteuning en een goed herstelnetwerk, verbeteren de mogelijkheden om schade verantwoord te herstellen. Op basis daarvan kunnen ook de verzekeringsmogelijkheden opnieuw worden beoordeeld. En wanneer verantwoord, bijgesteld worden.’
Oproep aan importeurs
Univé roept fabrikanten en importeurs op om bij de introductie van een merk niet alleen in verkoop en marketing te investeren, maar direct ook in onderdelenvoorziening, technische ondersteuning en een herstelnetwerk. De verzekeraar zegt open te staan voor gesprekken met merken die die voorzieningen willen uitbouwen.
‘Nieuwe merken kunnen een waardevolle toevoeging aan de Nederlandse automarkt zijn’, besluit Matthijs. ‘Bij een volwassen marktintroductie hoort ook dat een auto na schade binnen een redelijke termijn kan worden gerepareerd. Daarmee voorkom je dat automobilisten achteraf voor lange wachttijden en onverwachte kosten komen te staan.’