Nieuw onderzoek ElaadNL: slim en bidirectioneel laden maakt ruimte voor groei elektrisch vervoer
Onderzoek van ElaadNL toont aan dat elektrische mobiliteit in 2050 kan doorgroeien ondanks netcongestie. Voorwaarde is dat laadinfrastructuur slim wordt benut en elektrische auto’s ook stroom terugleveren aan het elektriciteitsnet.
Breed onderzoek
De Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) – het samenwerkingsverband van overheid, netbeheerders en marktpartijen dat de uitrol van laadinfrastructuur in Nederland coördineert – gaf ElaadNL de opdracht voor de Outlook Mobiliteit 2026. Het onderzoek brengt de verwachte groei in kaart van elektrische personenauto’s, bestelauto’s, trucks en bouwmaterieel. Samen vertegenwoordigen deze categorieën circa 90 procent van de totale energiebehoefte van mobiliteit in Nederland.
Nieuw ten opzichte van eerdere edities is dat de Outlook nu ook is afgestemd met de NAL-regio’s en de rijksoverheid, plug-in hybrides meeneemt in de prognoses en gebruikers laat inzoomen op wijkniveau – handig voor lokale beleidsmakers die willen weten hoeveel publieke laadpalen hun gemeente nodig heeft.
Volledig elektrisch in 2050
Volgens de onderzoekers is in 2050 het volledige personenwagenpark van 11 miljoen auto’s elektrisch, evenals het complete wagenpark van 1,2 miljoen bestelauto’s. Van de 210.000 trucks die dan rijden is naar verwachting 90 procent volledig elektrisch. Het lichte bouwmaterieel zal dan 100 procent elektrisch zijn; voor het zware materieel geldt dat gedeeltelijk.
De gezamenlijke elektriciteitsvraag van al deze voertuigen bedraagt 51,8 terawattuur in 2050. Ter vergelijking: het totale elektriciteitsverbruik in Nederland was in 2025 nog 116 terawattuur, waarvan slechts 4 terawattuur voor mobiliteit.
Laden buiten piekuren
Voor het eerst brengt het onderzoek ook de impact van netcongestie in kaart. Netcongestie ontstaat wanneer het elektriciteitsnet zo vol zit dat er geen ruimte meer is voor nieuwe aansluitingen of extra verbruik. De onderzoekers berekenden hoeveel publieke laadvraag het huidige netwerk nog kan opvangen als er door netcongestie geen ruimte is voor nieuwe laadinfrastructuur – bijvoorbeeld door laadpalen beter te bezetten of bij te plaatsen zonder extra netcapaciteit te vragen.
Een belangrijke bevinding is dat de belasting van het stroomnet fors kan dalen als elektrische voertuigen op werkdagen grotendeels buiten de piekuren – tussen 16.00 en 21.00 uur – worden opgeladen. Dit is mogelijk wanneer voertuigen langer aangesloten blijven dan ze daadwerkelijk laden: de laadsessie kan dan gedeeltelijk worden verschoven naar een rustiger moment, zonder dat de bestuurder daar hinder van ondervindt. Deze flexibiliteit kan het energiesysteem in de avondpiek in 2050 maximaal 6,7 gigawatt aan regelbaar vermogen opleveren.
Teruglevering telt mee
Wanneer ook bidirectioneel laden – waarbij elektrische auto’s niet alleen stroom opnemen maar ook terugleveren aan het net of een woning – in de berekeningen wordt meegenomen, loopt het theoretische flexibele vermogen zelfs op tot 11,2 gigawatt.
Van alle huidige laadtransacties verloopt overigens al 57 procent slim, aldus NAL-voorzitter Marieke Donkervoort: ‘Met slim laden als norm en bidirectioneel laden binnen handbereik levert de elektrische auto een belangrijke bijdrage aan een toekomstbestendig energiesysteem.’
Randvoorwaarden noodzakelijk
De onderzoekers benadrukken dat het benutten van al deze flexibiliteit niet vanzelf gaat. Er zijn duidelijke randvoorwaarden nodig: standaardisatie, interoperabiliteit – zodat systemen van verschillende fabrikanten met elkaar kunnen communiceren – passende prikkels voor gebruikers en goede samenwerking tussen netbeheerders, overheden en marktpartijen. Zonder die voorwaarden blijft een belangrijk deel van het potentieel onbenut.
Donkervoort: ‘Netcongestie is ook voor laadinfrastructuur een complexe opgave die vraagt om slimme oplossingen en nauwe samenwerking tussen overheid, netbeheerders en marktpartijen. Van alle laadtransacties verloopt 57 procent dus al slim. Het is goed om te zien dat al die partijen echt samen optrekken om de laadinfrastructuur verantwoord mee te laten groeien met de toenemende behoefte. Dat zal niet altijd eenvoudig zijn, toch is er veel mogelijk.’
Integraal en locatiegericht
Een bijzonder inzicht uit het integrale karakter van de Outlook is dat bouwvoertuigen en elektrische trucks soms gebruik kunnen maken van dezelfde snellaadinfrastructuur. Dat biedt mogelijkheden om laadlocaties efficiënter in te zetten en te schuiven tussen verschillende voertuigcategorieën. De resultaten vormen een basis voor beleid en toekomstplannen van overheden en netbeheerders.
Het volledige onderzoek is hier te vinden.