©Action

ElaadNL, netbeheerders en transportsector verlengen convenant elektrische goederenlogistiek

Nieuws|Laatste update:

Transport en Logistiek Nederland (TLN), evofenedex, ElaadNL en Netbeheer Nederland verlengen hun samenwerking binnen het convenant elektrische goederenlogistiek met 3 jaar.

AFIR 
In 2021 tekenden de organisaties het convenant waarmee ze de toekomstige vermogensbehoefte elektrische goederenlogistiek in kaart wilden brengen, zodat snel duidelijk zou worden waar eventuele knelpunten of tekorten in het elektriciteitsnet ontstaan en hoe daar mee om te gaan. Aanleiding hiervoor waren onder andere de plannen voor zero emissiezones en de Europese eisen uit de Europese Alternative Fuels Infrastructure Regulation (AFIR).

Mede dankzij het convenant weten de organisaties elkaar inmiddels goed te vinden en hebben ze samen regionale sessies georganiseerd om ondernemers in transport en logistiek voor te bereiden op de transitie naar elektrisch vervoer. Ook zijn tools ontwikkeld om bijvoorbeeld de verwachte stroomvraag gemakkelijk in kaart te brengen.

5 samenwerkingsgebieden

De samenwerking tussen de organisaties van netbeheerders en van transport en logistiek zal zich richten op 5 samenwerkingsgebieden:

  1. Het uitwerken van prognoses met betrekking tot laadvraag en het valideren van deze prognoses. Hoe beter deze prognoses, hoe gerichter oplossingen gezocht kunnen worden voor de beperkte netcapaciteit.
  2. Het delen van data ten behoeve van deze prognoses. Het gaat dan onder andere op bestaand gebruik en de laadbehoeftes van de transportbedrijven.
  3. Het gezamenlijk uitwerken en promoten van flex-contracten (gebruik van de ruimte die er nog wel op het stroomnet is door bijvoorbeeld ’s nachts op te laden).
  4. Een gezamenlijke lobby gericht op het tijdig en soepel faciliteren van de laadvraag voor elektrificatie van logistiek. Denk bijvoorbeeld aan nieuwe contractvormen als een tijdgebonden contract en een groepscontract.
  5. Kennisuitwisseling en voorlichting aan ondernemers.

Landelijk dekkend laadnetwerk
Om invulling te kunnen geven aan de duurzaamheidsdoelstellingen op nationaal niveau en in Europees verband, moet aan een aantal randvoorwaarden worden voldaan. Eén daarvan is de tijdige beschikbaarheid van voldoende netcapaciteit op de juiste locaties. Door de gezamenlijke inspanningen van netbeheerders, logistieke sector, verladers en overheden zijn de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet.

‘Met de ondertekening van dit convenant, onderstreept TLN het belang van samenwerking met als doel te komen tot een betrouwbaar landelijk dekkend laadnetwerk voor de logistieke sector’, vertelt Elisabeth Post van TLN over de vernieuwde samenwerking. Machiel van der Kuijl van evofenedex vult aan: ‘Om de gewenste transitie naar elektrische bestel- en vrachtauto’s succesvol te maken is voldoende laadcapaciteit onmisbaar voor ondernemers. Door samen te werken hebben de partijen de afgelopen 3 jaar veel bereikt maar het is ook duidelijk geworden dat er nog veel te doen is, omdat er nog veel lokale verschillen zijn. Verlenging van het convenant geeft dan ook de mogelijkheid om de komende jaren samen verder te werken aan laadnetwerk dat kan voorzien in de behoefte van ondernemers in de logistiek.’

Realiteit
‘De uitdagingen rondom netcongestie een realiteit waar we de komende jaren nog mee te maken hebben zijn groot’, stelt Hans-Peter Oskam van Netbeheer Nederland. ‘Samen met evofenedex en TLN blijven we kijken naar betere benutting van de bestaande energienetten, zodat de goederenlogistiek zoveel mogelijk geëlektrificeerd door kan gaan.’

Onoph Caron van ElaadNL besluit: ‘Door de actualiteit van netcongestie zullen wij nog nauwer met elkaar samen moeten werken. De transportsector is bij netbeheerders in beeld gekomen maar veel kennis zijn we nog aan het verzamelen. Kennis die cruciaal is voor netbeheer. Daarnaast zullen we door de toenemende uitdagingen rondom netcongestie de ondernemers in transport en logistiek nog beter moeten informeren over wat er wel en niet mogelijk is. Om deze redenen willen wij de samenwerking met de sector graag verder intensiveren.’

‹ Naar overzicht